|
|
||||||||||
|
|
|
[home] - [overzicht financiën]
Artikel 1 Er wordt een gemeentebelasting gevestigd op de tweede verblijven. Artikel 2 Als tweede verblijf wordt beschouwd elke constructie met woon- of verblijfsgelegenheid waarvoor niemand is ingeschreven in de bevolkingsregisters of het vreemdelingenregister voor het hoofdverblijf. Artikel 3 De belasting valt ten laste van diegene die op het adres van het tweede verblijf niet in de bevolkingsregisters of het vreemdelingenregister is ingeschreven voor het hoofdverblijf en, hetzij als eigenaar, hetzij als huurder of als gebruiker, een tweede verblijf betrekt of kan betrekken. Artikel 4 De belasting wordt vastgesteld op 250 EUR per tweede verblijf. Artikel 5 Vallen niet onder de toepassing van de belasting :
Artikel 6 De belastingplichtige moet jaarlijks aangifte doen van het belastbaar tweede verblijf, door middel van het formulier vastgesteld door het gemeentebestuur vóór de erin vermelde vervaldatum. Artikel 7 Bij gebreke van een aangifte of bij onvolledige, onjuiste of onnauwkeurige aangifte wordt de belastingplichtige ambtshalve ingekohierd volgens de gegevens waarover het gemeentebestuur beschikt, onverminderd het recht van bezwaar en beroep. Artikel 8 De overeenkomstig artikel 7 ambtshalve ingekohierde belasting wordt verhoogd met een bedrag gelijk aan de verschuldigde belasting. Het bedrag van deze verhoging wordt ingekohierd. Artikel 9 De belasting en eventuele verhoging wordt ingevorderd bij wege van een kohier dat vastgesteld en uitvoerbaar verklaard wordt door het College van Burgemeester en Schepenen. Artikel 10 De belasting moet betaald worden binnen twee maanden na toezending van het aanslagbiljet. Artikel 11 De belastingplichtige kan een bezwaar tegen deze belasting indienen bij het College van Burgemeester en Schepenen van de gemeente. Het bezwaar moet worden gemotiveerd en op straffe van nietigheid schriftelijk worden ingediend. Artikel 12 Zonder afbreuk te doen aan de bepalingen van de wet van 24.12.1996, zijn de bepalingen van titel VII (Vestiging en invordering van de belastingen), hoofdstukken 1 (algemene bepalingen), 3 (onderzoek en controle), 4 (bewijsmiddelen van de administratie), 7 tot 10 (rechtsmiddelen; invordering van de belasting waaronder de nalatigheids- en moratoriuminteresten; rechten en voorechten van de schatkist; strafbepalingen) van het Wetboek van de inkomstenbelastingen en de artikelen 126 tot 175 van het uitvoeringsbesluit van dit Wetboek (betreft o.m. de verjaring en de vervolgingen) van toepassing voor zover zij met name niet de belastingen op de inkomsten betreffen. Artikel 13 Dit reglement treedt in werking vanaf heden Artikel 11 Deze beslissing wordt voor goedkeuring aan de toezichthoudende overheid overgemaakt. (gemeenteraad 2 januari 2007) |
|
|
||||||
| © 1999-2012 : gemeente Kampenhout (1910) Gemeentehuisstraat 16 - info@kampenhout.be webmaster@kampenhout.be |
webdesign: highgate57 Bestand: pagina laatst bijgewerkt op: 26-04-2012 |